Home

Afgelopen weekend waren de verkenners op een groot avontuur. Oberjarl Leif Erickson van de vikingen had de verkenners om hulp gevraagd om de schat van barbaar Ragnar Roodbaard te stelen om zijn eigen plundertrip naar Engeland te financieren. Vrijdagavond gingen de verkenners naar het Naaldenveld om Leif te helpen, deze reis was te gevaarlijk om te gaan fietsen, omdat Thor de dondergod woest met zijn bliksemschichten de aarde teisterde, dus gingen ze maar met de auto. Nadat de tent was opgezet oefenden de verkenners met hun plunderskills door een potje levend kwartet te spelen.

 

De volgende dag liepen de verkenners naar Zandvoort om van het mooie weer te genieten, want ja zelf de beste plunderaars moeten wel eens rust nemen. ’s Avonds, eenmaal teruggekomen op het Naaldenveld maakten de verkenners hun eigen vikingschilden, en aten ze een stevige maaltijd als voorbereiding op het echte gevecht. Toen het donker was geworden, was het moment daar, tijd om te plunderen. Het ging er hard aan toe, maar uiteindelijk was het gelukt, de schat van Ragnar Roodbaard was veroverd en veiliggesteld, dachten ze….
Diep in de nacht, wanneer niemand het verwachtte, vielen ze aan, de barbaren van Ragnar, woedend omdat de schat hen was afgenomen. Nog een keer moesten de verkenners laten zien wat ze in huis hadden en de schat oversmokkelen naar Floki, de bootbouwer, en na een lange strijd en enkele gewonden was de hele schat overgesmokkeld. De volgende dag bedankte Leif Erickson hen vele malen, en begon eindelijk aan zijn tocht naar Engeland. De verkenners pakten hun spullen in en vertrokken naar huis na een zwaar maar succesvol weekend.